Geschiedenis van de OLV Kapel

Inleiding
Het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis heeft een geschiedenis van meer dan 100 jaar in Amsterdam. Op 4 november 1898 werd de eerste patiënt opgenomen in het nieuwe gasthuis aan het Oosterpark. Kort ervoor hadden de liefdezusters van de Heilige Carolus Borromeüs, ook wel bekend als de zusters Onder de Bogen uit Maastricht, hun intrek genomen in het nieuwe klooster. Voor hen en de patiënten werd ook een kapel gebouwd. Deze kapel maakte letterlijk en figuurlijk het hart uit van het OLVG. Zij stond midden op het gasthuisterrein en was de plaats waar de zusters samenkwamen voor hun dagelijkse gebeden.
Bij de laatste eucharistieviering in de oude kapel op 17 november 1986 zei Ton Kassing, lid van de Raad van Bestuur: ‘Soms betekent geloof: dingen loslaten, het laten gebeuren; wij weten niet wat ons te wachten staat. Maar één ding hebben wij: geloof in de toekomst. En zonder geloof en zonder gemeenschap gaat het niet. Immers, er staat in de Heilige Schrift: “Als de graankorrel niet sterft, zal hij geen vrucht voortbrengen.

Ruim 100 jaar later staat op hetzelfde terrein een compleet nieuw ziekenhuis. De zusters zijn verdwenen. Ook het klooster en de oude kapel staan er niet meer. Maar tussen alle functionele nieuwbouw staat een opvallend gebouwtje, opgetrokken in de Romaanse bouwstijl: de nieuwe kapel voor het gasthuis, de Onze Lieve Vrouwe Kapel.
Op 25 oktober 2000 wordt door de toenmalige deken van Amsterdam Joop Stam de eerste steen gelegd. Deze steen wordt beschouwd als de symbolische hoeksteen van de kerk en staat zo voor Christus die hoeksteen is van zijn kerkgemeenschap. De tekst op de steen drukt de wens uit dat deze ruimte een gastvrij huis mag zijn temidden van de veelkleurigheid van de stad. Dat zij “een huis van gebed voor alle volken” wil zijn (Jesaja)

NB: Achter het kleine ronde steentje onder de eerste steen bevindt zich een handgeschreven perkamenten oorkonde. De tekst beschrijft de inzegening van de kapel door Joop Stam op 1 februari 2001.


Bouw en materiaalkeuze
Voor de bouw van de nieuwe kapel werd inspiratie gezocht in de kerken van de 11e en 12e eeuw, die met name in Noord-Italië, Spanje en Frankrijk te vinden zijn. Deze Romaanse kerken worden gekenmerkt door een grote eenvoud die nog steeds veel mensen aanspreekt.
Met name de Romaanse kloosterkerken van Rochefort en Chevetogne in België, beide gebouwd in de jaren ’90, dienden als inspiratiebron bij het ontwerp van de Onze Lieve Vrouwe Kapel.


De latijnse kerk in
Chevetogne, België

De kloosterkerk van de trapisten
in Rochefort, België


De ligging van de kapel op het oosten sloot ook aan op de oude kerkelijke traditie waarmee wordt uitgedrukt dat het Licht van Christus opgaat over de gelovige zoals een nieuwe dag over de wereld. Vormgeving en materiaalkeuze werden bewust sober gehouden. Samenhang en harmonie werden versterkt door het gebruik van telkens dezelfde materialen: zandsteen uit de Bourgogne in Frankrijk is gebruikt voor de vloer, de deurposten, het altaar, de zetel en de koorbanken, de stenen tafels en lampen, de paaskaarskandelaar en de doopvont; eikenhout is verwerkt in de deuren, het plafond en de sacristie; de baksteen aan de binnen- en buitenkant is van Limburgse rivierklei.


Symbolische getallen
In de kapel wordt door het gebruik van symbolische getallen verwezen naar het bovennatuurlijke, het goddelijke. Zo staan er drie beuken. Drie is het getal van het goddelijke:

Vader, Zoon en Heilige Geest…
geloof, hoop en liefde…
de derde dag verrezen uit de doden…

Er staan zeven bogen. Dit is het getal van de volkomenheid:

God rustte op de zevende dag na de voltooiing van de schepping…

De kapel telt 12 wijstenen, het getal van het geheel van het volk:

twaalf stamvaders van Israël…
twaalf apostelen, de stamvaders van de christelijke kerk…


Iconen
In de kapel hangt een aantal iconen. ‘Icoon’ komt van het Griekse woord ‘eikoon’, dat ‘beeld’ of ‘afbeelding’ betekent. In de christelijke traditie worden met iconen de sacrale, gewijde afbeeldingen van bijbelse personen of van heiligen bedoeld, die volgens traditionele voorschriften zijn geschilderd op speciaal geprepareerde houten panelen. Ze spelen met name in oosterse kerken een belangrijke rol, zowel tijdens de eredienst als ook voor de persoonlijke geloofsbeleving. De details op een icoon maken vaak een vreemde indruk, ze lijken niet te kloppen met de werkelijkheid zoals wij die kennen. Dat is gedaan om aan te geven dat het gaat om een andere, met het gewone oog niet zichtbare werkelijkheid: het mysterie van het Goddelijke. Een icoon wil die andere werkelijkheid present stellen en iets daarvan doen oplichten in onze eigen werkelijkheid.
Bij binnenkomst in de kapel ziet u meteen links een icoon hangen die de populaire heilige Nicolaas afbeeldt. Als beschermheilige van de zeelieden is de heilige Nicolaas patroon van de stad Amsterdam.

Onder het kopje rondleiding, onder Kapel kunt u de kapel van binnen zien met diverse afbeeldingen waar tekst en uitleg bij wordt gegeven. Ook het Mariabeeld dat in de gang staat en de Pieta, het beeld in de kapeltuin kunt u hier zien.